Actualiteiten

INBREUK OP EEN HANDELSNAAM: WAAR MOET U OP LETTEN?

Door Marcel Schroevers

Een handelsnaam is een onderscheidingsteken van de onderneming. Denk hierbij aan de bekende handelsnamen Albert Heijn, KPN en MediaMarkt. Een handelsnaam ontstaat door gebruik van een naam door een bedrijf. Hiervoor is registratie niet verplicht, maar het is wel verstandig uw handelsnaam in het handelsregister te registreren. Voldoende is dus dat de naam wordt gevoerd en bij het publiek bekend is.

 

In de praktijk wordt veelvuldig gebruik gemaakt van beschrijvende handelsnamen. U kunt hierbij denken aan fietsenwinkel.nl of Beach Hotel (Noordwijk). Ook een beschrijvende (handels)naam kan als handelsnaam dienen. Let daarbij wel op dat een sterk beschrijvende handelsnaam slechts een geringe beschermingsomvang heeft.

 

Inbreuk?

Een handelsnaam is bedoeld om een onderneming te onderscheiden, zodat ten opzichte van het publiek (zoals leveranciers, klanten, overheidsinstanties) geen verwarringsgevaar optreedt. Artikel 5 van de Handelsnaamwet luidt dan ook:

 

‘Het is verboden een handelsnaam te voeren, die, vóórdat de onderneming onder die naam werd gedreven, reeds door een ander rechtmatig gevoerd werd, of die van diens handelsnaam slechts in geringe mate afwijkt, een en ander voor zover dientengevolge, in verband met de aard der beide ondernemingen en de plaats, waar zij gevestigd zijn, bij het publiek verwarring tussen die ondernemingen te duchten is.’

 

Het uitgangspunt is dus dat een door de ene onderneming al gevoerde handelsnaam niet gebruikt mag worden door een andere onderneming. Ook is het verboden een handelsnaam te gebruiken die zoveel lijkt op de handelsnaam van een andere onderneming, dat bij het publiek verwarring kan ontstaan.

 

Als er sprake van inbreuk op een handelsnaam zal de rechter eerst beoordelen wie van de twee bedrijven de handelsnaam als eerste rechtmatig voerde, de zogenoemde prioriteitseis. U zult dus moeten bewijzen dat u uw handelsnaam eerder voerde dan de inbreukmakende partij. Vervolgens komt de verwarringvraag aan de orde. Is bij het publiek verwarring te duchten? Bij de beantwoording van die vraag wordt rekening gehouden met de aard van de onderneming (bijvoorbeeld een webshop of makelaardij) en de plaats van de vestiging. Bij de plaats van de vestiging moet niet alleen gekeken worden naar de fysieke plaats, maar hierbij kan ook internet een rol spelen. 

 

Concrete situaties

Bij de beoordeling of er sprake is van inbreuk wordt rekening gehouden met alle omstandigheden van het geval. Dit blijkt ook het volgende voorbeeld. Het gebruik van de namen LMR Advocaten en LR Advocaten (allebei uit Oss) levert naar het oordeel van de rechter, in combinatie met de door die kantoren gebruikte logo’s, geen gevaar op dat het publiek de twee ondernemingen uit Oss met elkaar zal verwarren. De vormgeving (van de naam) is weliswaar geen onderdeel van de handelsnaam, maar werd in deze zaak wel meegenomen. Geen inbreuk.

 

In januari 2019 oordeelde de rechtbank Rotterdam over de vraag of Brasilbinkie Rodizio Rotterdam inbreuk maakte op de handelsnaam Rodizio Rotterdam. De rechter stelde vast dat 'Rodizio' (een all you can eat-concept afkomstig uit Brazilië) en 'Rotterdam' zuiver beschrijvende woorden zijn. Dergelijke woorden mogen - in beginsel - door iedere ondernemer in zijn handelsnaam worden opgenomen. Zo wordt monopolisering van zuiver beschrijvende woorden voorkomen. Brasilbinkie Rodizio Rotterdam combineert deze woorden met de zelfbedachte, unieke, naam 'Brasilbinkie'. Hierdoor wijkt de handelsnaam in meer dan geringe mate af van die van Rodizio Rotterdam en is er geen sprake van inbreuk.

 

Tot slot een voorbeeld waarbij de rechter oordeelde dat wél sprake was van handelsnaaminbreuk. FINEXT vond dat Finaxe inbreuk maakte op haar handelsnaamrecht. De rechter stelde vast dat FINEXT geen beschrijvende handelsnaam is, zodat sprake is van een ruimere beschermingsomvang. Is er een mate van overeenstemming? De rechter oordeelde van wel, omdat er sprake is van een grote mate van auditieve overeenstemming tussen beide handelsnamen (“Fajnekst” en “Fajneks”). De visuele overeenstemming is weliswaar minder groot, maar de auditieve overeenstemming gaf in deze zaak de doorslag. Tot slot kwam de vraag aan de orde of  door deze geringe mate van verschil in handelsnamen, in verband met de aard van beide ondernemingen en de plaats waar zij gevestigd zijn, bij het publiek verwarring tussen de ondernemingen te duchten is. Beide ondernemingen zijn actief in de financiële sector en werken door heel Nederland. De rechtbank oordeelde dan ook dat sprake is van verwarringsgevaar.

 

Nieuwe handelsnaam voeren?

Bent u van plan een nieuwe onderneming te starten en/of een nieuwe handelsnaam te voeren? Bepaal voor uzelf of de handelsnaam (te) beschrijvend is en houdt rekening met de zwakkere bescherming van zuiver beschrijvende handelsnamen. Controleer ook of de nieuwe handelsnaam al door een andere onderneming in gebruik is en of er sprake kan zijn van verwarring.

 

Wilt u meer informatie over dit onderwerp? Neem gerust contact met mij op voor advies.