Advocaten

mr. C.J. (Jaap) IJdema

Advocaat | Partner | Lid dagelijks bestuur

Jaap IJdema voltooide in 1992 zijn rechtenstudie aan de Rijksuniversiteit Groningen en is sinds 1994 werkzaam als advocaat bij Adriaanse van der Weel, waar hij zich heeft toegelegd op ruimtelijke ordening, milieurecht en bestuurlijke handhaving. Jaap is in 2002 toegetreden tot de maatschap. Hij heeft de postdoctorale specialisatieopleiding Omgevingsrecht aan de Grotius Academie met goed gevolg afgerond.

 

Vanuit zijn specialisaties staat Jaap veelvuldig overheden en grotere bedrijven bij en trad hij in die hoedanigheid eerder al op bij een aantal omvangrijke handhavingszaken. Jaap staat bij collega’s bekend als een uiterst vakbekwaam en creatief handhavingsjurist die zich kan meten met de Nederlandse top.

 

Naast zijn dagelijkse praktijk is Jaap onder andere lid van de Vereniging van Milieurecht Advocaten (VMA) en de Vereniging voor Bouwrecht-Advocaten (VBR-A), onderhoudt hij een blog over bestuurlijke handhaving en publiceert met regelmaat over datzelfde onderwerp.

 

Jaap is vanaf 2018 lid van het dagelijks bestuur.

 

Publicaties:

  • Artikel in de TBS&H van 27 december 2016 door mr. C.J. IJdema en mw. mr.B. d'Hooghe.
  • De problematische overgangsregeling van het Brzo 2015. Door mr. C.J. IJdema en mw. mr. B. d'Hooghe gepubliceerd op de website bijzonderstrafrecht.nl

  • Rechtbank Gelderland 25 september 2015 en Rechtbank Limburg 13 oktober 2015. Artikel 5:35 Awb. Verzoek van derde-belanghebbende tot het treffen van een voorlopige voorziening om –hangende procedure tegen weigering om verbeurde dwangsommen in te vorderen – de verjaring van de bevoegdheid tot invordering te stuiten of te verlengen. Met annotatie door C.J. IJdema, gepubliceerd in Gemeentestem 2016, 7434 – 10 maart 2016.

  • Het risico van de voorlopige voorziening tegen de last onder dwangsom. Door mr. C.J. IJdema, gepubliceerd in Praktisch Bestuursrecht, 2015, aflevering 1, nr. 2, Pb 2015/1
  • ABRvS 24 december 2013. Art. 5:35 Awb. Hangende de procedure tegen de weigering om tot invordering van een verbeurde dwangsom over te gaan verjaart de bevoegdheid tot invordering. Wat had de derde-belanghebbende kunnen doen om dit te voorkomen? m.nt. C.J. IJdema. gepubliceerd in de Gemeentestem 2014, 7400 – 17 maart 2014 Gst. 2014/24   
  • ABRvS 15 mei 2013. Vernietiging van uitspraak rechtbank waarbij last onder dwangsom is herroepen. m.nt. C.J. IJdema. gepubliceerd in de Gemeentestem 2013, 7390 – 6 augustus 2013 Gst. 2013/69   
  • ABRvS 19 december 2012. Art. 5:37 lid 2 Awb. Beschikking tot weigering om tot invordering van dwangsom over te gaan. Art. 5:39 lid 1 Awb van toepassing? m.nt. C.J. IJdema. gepubliceerd in de Gemeentestem 2013, 7383 – 28 februari 2013 Gst. 2013/18   
  • De beslissing omtrent invordering van verbeurde dwangsommen in de praktijk.gepubliceerd in de Gemeentestem 2012, 7380 – 20 december 2013 Gst. 2012/119  
  • Overgangsperikelen vierde tranche Awb bij de invordering van verbeurde dwangsommen en kosten van bestuursdwang. Door C.J. IJdema en U.T. Hoekstra, gepubliceerd in de Gemeentestem 2009, 7329 – 19 december 2009 Gst. 2009/129  
  • De reikwijdte, de toegevoegde waarde en de toekomst van artikel 8.10 lid 3 Wm. door Jan Jacobse en Jaap IJdema, gepubliceerd in het tijdschrift StAB 3  2009 StAB 2009/3 pag. 7-11  
  • Effectieve invordering. Gepubliceerd in ‘Verhaal van schade door de overheid’, uitgave van Onderlinge Verzekeringen Overheid (OVO), maart 2009 
  • De invordering van verbeurde (bestuurlijke) dwangsommen. Gepubliceerd in de Gemeentestem 2002, 7174 – 15 november 2002 Gst. 2002/7174 pag. 581-590