Praktijkgebieden

BRZO

Oproep!

Sinds 22 oktober 2015 kunnen BRZO-bedrijven deelnemen aan een door Adriaanse van der Weel geïnitieerd landelijk onderzoek. Met dit onderzoek inventariseren wij welke problemen bedrijven ervaren bij de handhaving van het BRZO.

Deelnemen aan het onderzoek

In 1976 vond in het Italiaanse dorpje Seveso een ongeval plaats in een chemische fabriek. Bij dit ongeval werd een toxisch gas met hoge concentraties dioxine uitgestoten. Een groot deel van de bevolking raakte ernstig verminkt en bijna al het vee in de omgeving moest worden afgemaakt.

 

Naar aanleiding van deze ramp heeft de Raad van de Europese Unie in 1982 de zogenaamde Seveso-richtlijn vastgesteld (in 1996 en 2012 gevolgd door de Seveso II- resp. III-richtlijn). Het doel van deze richtlijn is het voorkomen dan wel zoveel mogelijk beperken van de gevolgen van ongevallen met gevaarlijke stoffen. De  Seveso-richtlijnen zijn in Nederland geïmplementeerd door de vaststelling van het Besluit Risico’s en Zware Ongevallen, het BRZO.

 

Het BRZO bevat verplichtingen voor bedrijven waar – kort gezegd – meer dan een bepaalde hoeveelheid gevaarlijke stoffen aanwezig is. In Nederland zijn ruim 400 zogenaamde BRZO-bedrijven. Er zijn verschillende bestuursorganen belast met de handhaving van het BRZO: de Minister van SZW, het dagelijks bestuur van de Veiligheidsregio en het bevoegd gezag ten aanzien van de omgevingsvergunning voor de inrichting (meestal het college van GS). Per 1 januari 2014 voeren al deze bestuursorganen hetzelfde handhavingsbeleid. Dit beleid is, mede onder invloed van de gebeurtenissen bij Chemie-Pack en Odfjell, bijzonder strikt.

 

Waar voorheen het BRZO vaak nog vooral als vangnet werd gehanteerd, geldt per 1 januari 2014 het uitgangspunt dat het besluit wordt gehandhaafd, ook als dezelfde feiten leiden tot een overtreding van bijvoorbeeld een vergunningvoorschrift. Daardoor worden BRZO-bedrijven nu vaker geconfronteerd met (vermeende) overtredingen van het BRZO. Dat kan ingrijpende gevolgen hebben voor een bedrijf. Vooral als het gaat om overtredingen die strafbaar zijn gesteld. Voor dit soort overtredingen kunnen forse boetes worden opgelegd. Ook kunnen het bedrijf en leidinggevenden hiervoor strafrechtelijk worden vervolgd. 

 

Adriaanse van der Weel heeft ruime ervaring opgebouwd in BRZO-kwesties. Wij staan BRZO-bedrijven ter zijde in discussies met de overheid over de uitleg van het BRZO. Ook staan wij BRZO-bedrijven bij in procedures tegen bestuurlijke sancties die worden opgelegd wegens een overtreding van het BRZO, begeleiden wij hen en hun medewerkers tijdens een strafrechtelijk onderzoek naar (vermeende) overtredingen van het BRZO en staan wij hen bij als het eventueel tot strafrechtelijke vervolging komt.

 

Zie ook:

Onze advocaten
    mr. I.P. (René) de Groot Advocaat | Partner
    mr. C.J. (Jaap) IJdema Advocaat | Partner | Lid dagelijks bestuur
    mr. B. (Bianca) d' Hooghe Advocaat